1/2
  • Ariën Rasmijn

Tussen mediawet en censuur


Het kabinet zegt werk te willen maken van een nieuwe mediawet. Daarbij lijkt het vooral te gaan om het vaststellen van regels voor wat betreft de omgang tussen bepaalde media en de regering en het gedrag van bepaalde media in het algemeen, en niet zozeer om het vaststellen van wetgeving die het werk van journalisten en redacties en het recht van burgers op de waarheid zou beschermen.

Al sinds het begin van het eerste kabinet Eman hebben bestuurders de lokale nieuwsmedia willen beteugelen met een zogenaamde mediawet. Waarom dit uiteindelijk niet lukte is mij niet bekend, maar ik kan mij voorstellen dat de aan hun gelieerde media daar een stokje voor zouden hebben gestoken. Diezelfde media die nu ook onder vuur liggen – ze worden niet bij naam genoemd door de bewindslieden, maar iedereen weet dat het vooral om 24ora.com gaat – hebben goed gedijd en zijn ook weggekomen met excessen in die jaren. Het spreekt voor zich dat zij zich ook nu hebben uitgesproken tegen de plannen van dit kabinet voor een mediawet. Aan de andere kant kan ik me heel goed voorstellen dat het kabinet die bovengenoemde excessen – zelf noem ik illegaal gebruik van politieradio’s, het schenden van privacy, het bejegenen van politieke tegenstanders en evengoed het verdedigen van commerciële belangen van vrienden in naam van ‘journalistiek’– nu gebruikt als argument voor het invoeren van die wet. Het probleem is dat het hier feitelijk lijkt te gaan om een afrekening tussen de regering en het grootste nieuwsmedium van het eiland. Feit is dat er gewoon heel veel kwaad bloed is gezet. In 2017 ging het al hard tegen hard tijdens de verkiezingen tussen met name 24ora.com en Otmar Oduber en meteen na de verkiezingen kondigde Oduber aan dat er een mediawet zou komen. Dat zegt mij al iets over de intenties achter deze wetgeving en wat de inhoud daarvan zou kunnen omvatten. Aan de andere kant hielden de provocaties ook niet op. Dat was ook het enige wapen die de oppositie over had op een gegeven moment door gebrek aan leiderschap. En dus worden de premier en haar ministers zowat elke dag voor alcoholist, cokesnuiver, rokkenjager of social media-verslaafde op de radio uitgemaakt, zonder dat er voor die aantijgingen hard bewijs is. Nou zou je terecht kunnen zeggen dat een bestuurder een dikke huid moet hebben. Maar ergens moet je ook een lijn trekken. Die lijn trek je met het aanspannen van een kort geding wegens smaad en belediging, niet met wetgeving dat niet alleen het werk van ons allemaal zou kunnen bemoeilijken, maar ook het recht van de burger in het nieuws. Stel bijvoorbeeld dat er in de mediawet ‘regels’ komen over hoe de pers ambtsdragers dient te benaderen en te omschrijven. Die regels zijn dan open voor interpretatie. Stel dat ik in deze column iets zeg dat een minister niet leuk vindt, hoewel het gewoon waar is. Dan kan de minister stellen dat ik tegen de mediawet handel en kan ik strafrechtelijk vervolgd worden. Iemand met minder ruggengraat kijkt voortaan dan wel uit voordat hij of zij de mond opentrekt. En zo hou je de pers koest.   Laatst kondigde minister Bikker aan dat hij – in navolging van Duitsland – de mogelijkheid op het verbod op fake news wil onderzoeken. De vraag die je dan dient te stellen is wat dan allemaal precies onder fake news zou vallen. Als voorbeeld haalde hij de verslaggeving van – alweer – 24ora.com aan rondom de dreiging van een schietpartij bij Colegio Arubano. Kids en ouders zouden in paniek zijn geraakt door de verslaggeving terwijl er feitelijk niets aan de hand was, behalve dat iemand via WhatsApp had laten weten dat er weer zou zijn gedreigd. Was 24ora daar juist niet alleen maar om verslag te doen over dat bericht en sinds wanneer valt dat onder de noemer fake news? Of was het niet, zoals vaker het geval is, gewoon live gaan met een non-issue om views te genereren? Heeft dat voor paniek gezorgd of was het de WhatsApp? Wat valt er dan verder onder fake news en hoe ga je dat dan handhaven? Ik krijg dagelijks van beide kanten in het politieke spectrum de meest idiote, ongesubstantieerde onzin op mijn WhatsApp. Mensen schijnen bijvoorbeeld nu al te weten wie allemaal een cannabis-concessie gaan krijgen, terwijl de wet nog niet eens bij de Raad van Advies ligt. Vaak ligt de politieke motivatie er heel dik bovenop en ik kan me ook voorstellen dat veruit de meeste mensen daar ook wel doorheen prikken. Mensen hier zijn veelal laagopgeleid, maar zeker niet dom en al helemaal niet als het gaat om wat zij aan propaganda krijgen toegeschoven. Kan fake news gevaarlijk zijn? Absoluut. Kijk bijvoorbeeld naar de onzinberichten over cruiseschepen met coronavirus-patiënten of naar dat incident enige tijd terug bij Dimas waarbij door een WhatsApp met een vals bericht over amnestie een paar honderd illegale Venezolanen daar voor de deur stonden. Dat had heel lelijk kunnen aflopen. Dát is dus een voorbeeld van fake news dat inderdaad bestreden dient te worden. Alleen de vraag is hoe doe je dat zonder het recht op vrije meningsuiting en de vrije pers te beknotten? Daarnaast heeft de minister niet die voorbeelden aangehaald, maar juist een waarbij een hem niet welgevallig medium direct bij betrokken was. Dat kleurt de discussie en laat de intenties van dit kabinet dubieus lijken.         Persvrijheid is een groot goed. Zo groot dat je het makkelijk voor lief kan nemen en pas gaat missen wanneer je het kwijt bent. Normaal gesproken is wetgeving rond het functioneren van de pers omzichtig en gecompliceerd en heeft het als doel juist de vrijheid van nieuwsgaring, bescherming van bronnen en journalisten in risicosituaties zoals contact met criminelen te waarborgen. Vaak is het ook zo dat de branche zelf met eigen regels komt. Zo is er de wereldwijd aanvaarde Code van Bordeaux, waarin heel duidelijk ethische gedragsregels voor journalisten staan omschreven. Het grappige is dat heel lang geleden de Arubaanse pers, verenigd in de Aruba Press Club, ook een eigen lijst met regels had die erg leek op de Code van Bordeaux. Het wegvallen van de persclub door zakelijke conflicten, ego’s en kinnesinne had als gevolg dat de Arubaanse pers sindsdien geen eigen brancheorganisatie meer kent. Terwijl dat juist nu zo hard nodig is. Want ook hier blijkt, als je zelf geen regels opstelt, dan komt iemand anders het voor je doen.

Ad SETAR Complete 60+.gif

Abona na nos newsletter

  • White Facebook Icon